3. Bezwaren tegen de gevestigde verklaring van de Alpen


Er zijn nog meer bezwaren in te brengen tegen de verklaring van het ontstaan van de Alpen door de gevestigde wetenschap - naast die in het vorige hoofdstuk worden genoemd.


1. Italië en het Dinarisch blok vormen geen gezamenlijke tektonische eenheid (Adria). Het zijn twee aparte, gescheiden platen, die in oost-west richting tegen elkaar aan zijn gedrukt. Door deze convergentie werd de tussenliggende korst van de Tethys oceaan (de voorloper van de Middellandse Zee) zowel aan de westzijde als de oostzijde diep de asthenosfeer in gedrukt. Als gevolg van dit naar elkaar toe bewegen van Italië en het Dinarisch blok kwamen zowel de Apennijnen als de Dinariden (de Dinarische Alpen) omhoog. Dat Italië niet van zuid naar noord maar van west naar oost is geschoven valt uit onderstaande figuren af te leiden.

 

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.1. Tomografische scans van de aardkorst onder het westelijk deel van de Middellandse Zee. Rood: uit de asthenosfeer opwellend mantelmateriaal dat bestaat uit een combinatie van half vloeibaar gesteente, magma, gassen en water. Blauw: oceaanbodem van de Tethys (voorloper van de Middellandse Zee) dat door opwellend mantelmateriaal is 'overreden' en tot 600 km diepte in de aarde is weggedrukt (Spakman, W., R.Wortel, 2004, A tomographic view on western Mediterranean geodynamics, in: The Transmed Atlas. The Mediterranean region from crust to mantle, Springer, Berlin Heidelberg, pp.31-52).

Figuur 3.1. geeft d.m.v. de techniek van de seismische tomografie (gebaseerd op kunstmatig opgewekte aardbevingsgolven) een dwarsdoorsnede van het westen van de Middellandse Zee vanaf Spanje tot aan Italië.
De rode vlekken stellen een combinatie voor van uit de asthenosfeer opwellend half vloeibaar gesteente, magma, gassen en vloeistoffen. Op de rug van deze stromen mantelmateriaal is Italië van Spanje losgeraakt. De blauwe vlekken stellen afgezonken oceanische korst voor. Dit beeld bevestigt op spectaculaire wijze, dat Italië helemaal vanaf de oostkust van Spanje naar het oosten is verschoven en daarbij de oceanische korst van de Tethys oceaan, de voorloper van de huidige Middellandse Zee, in de diepte van de aarde heeft weggedrukt, zie onderstaande figuur (C. Ollier, C.F. Pain, The Apennines, the Dinarides and the Adriatic sea: is the Adriatic microplate reality?, GTDQ v.32, 2009, pp.167-175; M.J.R. Wortel, W. Spakman, Structure and dynamica of subducted lithosphere in the Meditteranean region, Proc.Kon. Ned. Akad. v Wetenschappen 95 (3), 1992, pp.325-347; C.Faccenna e.a., Episodic back-arc extention during restricted mantle convection in the Central Mediterranean, EPSL 5796, 2001, pp.1-12; C.Facenna e.a., Mantle Dynamics in the Mediterrenean, Reviews of Geophysics, AGU, 2014).

 

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.2. Schematische weergave van de situatie in figuur 3.1. Opwellend magma stuwt de continentale bovenkorst van Sardinië en Italië naar het oosten. Daarbij wordt de oceanische korst van de Tethys (Adriatic crust) 'overreden' en in de diepte van de aarde weggedrukt. Ook wordt de microplaat van Sardinië en Italië uit elkaar getrokken, waardoor de Tyrreense Zee ontstaat.

 

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.3. De groene lijn met kartels geeft de contouren aan van de Adriatische plaat. De dikke grijze lijn markeert waar stukken oceanische korst praktisch loodrecht de asthenosfeer induiken. Deze subductie gaat aan het aardoppervlak gepaard met aardbevingen. Deze epicentra worden aangeduid met de roodwitte balletjes. Ook deze figuur laat zien dat Italië, de Adriatische zee en de Dinariden geen tektonische eenheid vormen, maar deel uitmaken van drie verschillende micro-platen.

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.4. Seismisch profiel van een stuk bodem van de Ligurische Zee tussen Frankrijk en Sardinië. Tussen A en B ligt een pakket zouten uit het Boven Mioceen (Messinian). Daaronder, tussen B en C, ligt een relatief dunne laag turbidieten, as en vulkanisch gesteente die tot het Onder Mioceen en Boven Oligoceen wordt gerekend. Daaronder bevindt zich de zeebodem die uit basalt bestaat. D geeft de Moho aan, de grens tussen de aardkorst en de aardmantel. Het belangrijke punt is, dat in dit profiel sedimenten van het Mesozoïcum ontbreken. Wat betekent dat deze zeebodem in het begin van het Tertiair moet zijn gevormd door de oostwaartse drift van een continentale micro-plaat die bestaat uit Sardinië, Corisica, Italië en de tussenliggende Tyrreense Zee.


2. Volgens de standaardversie van de platentektoniek heeft er tussen Adria, d.w.z. Italië en het Dinarisch blok, enerzijds en de zuidrand van het Europese continent een 1000 tot 2000 km brede oceaan (in figuur 3.5. 'Pennine ocean' genoemd) gelegen. Die zou zijn dichtgeknepen doordat Adria naar het noorden schoof (M. Marthaler, Das Matterhorn aus Afrika, 2005, OT-verlag, p.52).

 

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.5. Tussen Adria (= Italië en het Dinarisch blok) en Europa zou een 1000 tot 2000 km breed oceaanbekken hebben gelegen. Deze oceaan wordt in de figuur aangeduid als 'Pennine ocean' die een onderdeel van de veel grotere Tethys oceaan moet zijn geweest. Door de noordwaartse verplaatsing van Adria is dit bekken in elkaar geperst. Daarbij kwamen de Alpen omhoog.

 

Echter er zijn geen sporen van deze dichtgeknepen oceaan te ontdekken. Aan de noordzijde van Italië en het Dinarisch blok vind je geen resten van mid-oceanische ruggen of van vulkanische eilandbogen met daaraan gekoppelde bekkens (back-arc-basins), geen Benioff zones (stukken oceanische korst die in de aarde wegduiken) met bijbehorende aardbevingen op grote diepte (seismische activiteit komt in de Alpen alleen voor in de bovenste 15 km, figuur 3.6.) en geen verkreukelde korst. 

 

Klik op de afbeelding om te vergroten.

 

 

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.6. Bovenste figuur: aardbevingen, weergegeven door rode stippen, komen in het Alpen gebied slechts voor tot op een diepte van 15 km. Onderste figuur: de subductie (Benioff) zone bij de Tonga trog in de Stille Oceaan laat zien, dat bij het afzinken van oceanische korst (blauwe strook die van rechtsboven naar linksonder loopt) in de aardmantel tot 670 km diepte aardbevingshaarden (witte stippen) voorkomen. Het ontbreken van deze hypocentra op grotere diepte onder de Alpen toont aan, dat er zich daar geen stukken afzinkende oceaanbodems bevinden. Zie ook: G. Scalera, Is large scale subduction made unlikely by the Mediterranean deep seismicity?, www.ncgt.org 2008, no 47, pp.24-30.

 

Al deze verschijnselen zou je verwachten, wanneer een stuk oceaanbodem door twee continentale platen als in een bankschroef in de mangel wordt genomen. We zien echter, dat in de contact zone tussen de Italiaanse plaat en de Europese korst de verschillende aardplaten vloeiend langs en deels over elkaar zijn geschoven.
Dat blijkt uit de onderstaande figuur. Daarin zie je links (onder Parma) de korst van de Italiaanse micro-plaat die over de Zuid Alpiene plaat (tussen Parma en Salo) is gegleden. Deze laatst genoemde micro-plaat zullen we in de volgende hoofdstukken leren kennen als een onderdeel van de zuidrand van het Europese continent. Nergens vind je in de ondergrond sporen van een verdwenen oceaan. Opvallend is, dat de sedimenten van de Povlakte, die op de Zuid Alpiene plaat liggen, uit pakketten ongestoorde, horizontale afzettingen bestaan. Nergens zie je hier de gevolgen van een frontale botsing van de Italiaanse plaat en het Europese continent in de vorm van gekantelde en geplooide aardlagen. Helemaal rechts (bij Salo) schuift het Zuid Alpien tegen de Oost Alpiene micro-plaat. Dit Oost Alpien is ook een stuk van de Zuid Europese continentrand. Ook hier is geen spoor van een verdwenen oceaan te bekennen.


  Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.7. De Italiaanse micro-plaat schuift ter hoogte van Parma over de Zuid Alpiene plaat; links van Salo botst het Zuid Alpien tegen de Oost Alpiene micro-plaat. In deze botsingszone zijn delen van het Oost Alpien gekanteld en vertikaal gesteld.


Hieronder een detailbeeld van hoe de Italiaanse plaat vloeiend over de Zuid Alpiene plaat - dus over de europese continentrand (rechts onder, groen) - is geschoven.
 
Klik op de afbeelding om te vergroten.

Figuur 3.8. Contactzone tussen Italiaanse micro-plaat (links, rood/oranje) en de Zuid Alpiene micro-plaat (rechtsonder, groen): nergens zijn sporen van een dichtgeknepen oceaanbekken te vinden.

In het volgende hoofdstuk wordt een alternatief beeld gepresenteerd van de tektoniek (beweging van aardplaten) in het Middellandse Zee gebied.